Nieuwe vrijstellingen voor handelingen in, aan of bij uw woning

Vanaf 1 maart 2026 zijn de regels in Vlaanderen gewijzigd waardoor bijkomende handelingen in, aan en bij de woning vrijgesteld zijn van omgevingsvergunning.

We zetten de meest relevante nieuwe vrijstellingen op een rij:

Gevel- en dakwerken met stabiliteitswerken (Wijziging art. 2.1, 2° en 2/1° Vrijstellingenbesluit)

Tot nu gold een vrijstelling voor handelingen zonder stabiliteitswerken en zonder wijziging van het fysiek bouwvolume aan zijgevels, achtergevels en daken.

Door de wijziging vallen ook stabiliteitswerken aan alle gevels en daken onder de vrijstelling, nu de meldingsplicht wordt opgeheven. Voorwaarde is wel dat deze handelingen de energieprestatie van het gebouw niet verslechteren.

Aanbrengen van isolatie aan de buitenzijde (Wijziging art. 2/1° Vrijstellingenbesluit)

Al in 2024 werd het aanbrengen van isolatie aan de buitenzijde van gevels en daken tot een maximum van 26 cm, voor zover de rooilijn niet overschreden wordt, vrijgesteld van vergunning. Er bestond echter nog onduidelijkheid over de afwerking en of ook dit was vrijgesteld. Deze onduidelijkheid is nu weggenomen: de gebruikelijke afwerking is mee vrijgesteld, ook als die gebeurt in ander gevelmateriaal (bv. van gevelsteen naar crépi) dan het oorspronkelijke, en dit geldt zowel voor de vlakke wand als voor de randen.

Binnenverbouwingen met stabiliteitswerken (Art. 2.1.4° Vrijstellingenbesluit)

Tot vandaag waren binnenverbouwingen zonder stabiliteitswerken vrijgesteld en met stabiliteit meldingsplichtig. Door de wijziging zijn nu alle binnenverbouwingen vrijgesteld op voorwaarde dat er geen functiewijziging plaatsvindt en het aantal woongelegenheden niet wijzigt. De vroegere meldingscategorie “binnenwerken met stabiliteit” is nu dus eenvoudigweg vrijgesteld.

Zonnepanelen en zonneboilers (Art. 2.1, 3° Vrijstellingenbesluit)

De bestaande vrijstelling voor zonnepanelen en zonneboilers op een plat dak (boven de dakrand) of geïntegreerd in het hellend dakvlak wordt uitgebreid naar bevestiging aan gevels of balkonafsluitingen. Daardoor zijn ook stekkerzonnepanelen aan de gevel nu vergunningsvrij, met per gevel een maximumoppervlakte van 4 m². Tegelijk wordt verduidelijkt dat zonnepanelen en zonneboilers niet onder de algemene vrijstelling voor ‘gebruikelijke technische constructies’ vallen, maar dus een aparte categorie uitmaken.

Bovengrondse onderdelen airco’s en warmtepompen (Art. 2.1, 8° en 2.1, 8/1° Vrijstellingsbesluit)

Artikel 2.1, 8° Vrijstellingenbesluit bevat een vrijstelling voor de plaatsing van niet-overdekte constructies in zij- en achtertuin ingeplant tot op 1 meter van de perceelsgrens of tot tegen een bestaande scheidingsmuur. Er wordt verduidelijkt dat deze regeling niet geldt voor warmtepompen en airco’s.

De bovengronds onderdelen van deze laatste zijn sinds 2024 vrijgesteld van vergunning, maar dan tot op 2 meter van de perceelsgrens of scheidingsmuur. Deze mogelijkheid is nu nog uitgebreid voor de plaatsing in alle delen van de tuin, op alle gevels of op een plat dak.

Er wordt eveneens verduidelijkt dat bovengrondse onderdelen van warmtepompen en airco’s niet vallen onder de algemene vrijstellingsregeling voor ‘gebruikelijke technische constructies’, maar opnieuw een aparte categorie uitmaken.

Ook de regels rond de meldingsplicht wijzigen overigens. De melding wordt sterk ingeperkt en zal enkel nog mogelijk zijn voor het uitvoeren van tijdelijke werken.

Het belangrijkste gevolg hiervan is dat de huidige meldingsplicht voor aansluitende bijgebouwen (max. 40 m², max. 4 m hoogte) aan woningen zonder functiewijziging en zonder wijziging in het aantal woongelegenheden verdwijnt. Hierdoor worden ze opnieuw vergunningsplichtig. Voor aanbouwveranda’s bijvoorbeeld is voortaan dus altijd een omgevingsvergunning nodig, ongeacht de omvang.

Twijfelt u over de kwalificatie van uw geplande werken, dan helpen de specialisten van Orys u graag verder. U kan hen hier contacteren.