Dit artikel werd overgenomen uit Metro en de website van de Vlaamse Scriptieprijs.

Drones worden steeds populairder. Helaas kan de Belgische wetgeving de technologie niet altijd volgen. Advocate Evelien Alenus (ORYS Advocaten) zocht in haar masterproef uit waar het schoentje bij recreatieve drones precies knelt.

De kans is groot dat je al een drone zag rondvliegen. Voor amper 20 euro kan je er zelf al eentje aanschaffen. Fijn om mee te spelen, maar helaas ook gemakkelijk om een misdrijf mee te begaan. Sommige exemplaren hebben een camera waardoor je stiekem foto’s of filmpjes van andere personen kunt maken. “De toestellen zijn vaak klein en bijna geluidloos waardoor mensen ze niet altijd opmerken. Zo wordt het natuurlijk moeilijker ertegen op te treden”, stelt Alenus. Daarbij speelt ook dat de bestuurder niet altijd gemakkelijk te traceren is vermits deze ‘onbemande vliegtoestellen’ vanop afstand worden bestuurd.

De aankoopprijs van een recreatieve drone is vaak lager dan de verzekering

Wetgeving
In april 2016 verscheen een Koninklijk Besluit over het recreatief gebruik van drones. Onder ‘recreatieve drones’ verstaat men toestellen van maximaal 1kg die niet hoger vliegen dan 10 meter. Zij mogen alleen boven privédomeinen vliegen en bestuurders moeten rekening houden met de geldende veiligheid- en privacywetgevingen. “Die zijn voldoende ruim geformuleerd zodat ook drones onder de huidige wetgeving vallen, maar er is een probleem: hoe die naleving wordt gecontroleerd is niet duidelijk.” Zo blijven er bijvoorbeeld vraagtekens rond de veiligheid. Een dronebestuurder is niet verplicht om een opleiding te volgen of een examen af te leggen. Alenus: “De nieuwe wetgeving verplicht bestuurders wel een verzekering burgerlijke aansprakelijkheid af te sluiten, maar door het gebrek aan controle is het zeer de vraag of iedereen die daadwerkelijk afsluit. De aankoopprijs van een recreatief toestel is trouwens vaak goedkoper dan de verzekering.” Een registratieverplichting van een drone zou volgens Alenus al meer klaarheid kunnen scheppen bij een ongeval.

Schoonheidsfoutjes
Drones kunnen ook strafrechtelijke misdrijven vergemakkelijken. “Denk maar aan woonstschennis, het afluisteren van gesprekken of het bespieden van personen. Deze inbreuken worden in principe voldoende gedekt door het strafrecht, maar ook hier zou een registratieverplichting zijn nut hebben”, meent Alenus. De grotere opkomst van drones zal uitwijzen of de huidige wetgeving voldoet. Daarbij zal duidelijk worden of de ‘schoonheidsfoutjes’ in het Koninklijk Besluit voor problemen zullen zorgen. Alenus: “Het belangrijkste aandachtspunt voor de wetgever blijft het controleprobleem bij het gebruik van drones.”

Evelien Alenus werkte haar onderzoek af onder begeleiding van prof. Gert Vermeulen. Ze momenteel als advocaat bij Orys Advocaten in Brussel.

Menu